Mutisme

 

Definitie

Het niet of nauwelijks spreken in aanwezigheid van anderen.

Prevalentie Schatting 3-8:10.000
Kenmerken

DSM IV Mutisme

(a) Het consequent niet spreken in specifieke sociale situaties, waarin verwacht wordt dat er wel gesproken wordt, (bijvoorbeeld op school) ondanks spreken in andere situaties.
(b) De stoornis interfereert met het functioneren op school of op het werk, of met sociale communicatie.
(c) De duur van de stoornis is minimaal een maand.
(d) Het niet spreken wordt niet veroorzaakt door een gebrek aan kennis van, of vertrouwen met, de gesproken taal die nodig is voor de sociale situatie.
(d) De klacht wordt niet beter verklaard door taal-/spraakstoornis (bijvoorbeeld stotteren) of door een gebrek aan kennis van de gesproken taal die nodig is voor de sociale situatie

Kenmerken spraak-,taalontwikkeling  
Vaak voorkomende comorbiditeit Vaak bij ADHD, PDD-nos, Tourette, epilepsie, waterhoofd, na behandeling met radiotherapie, veel syndromen (bv neurofibromatose)
Wie diagnosticeert?

GZ-psycholoog / orthopedagoog generalist: klinisch onderzoek, schoolobservatie, intelligentie onderzoek

kinderarts: voor lichamelijke problemen, medische klachten en/of opvallende uiterlijke kenmerken. Bijvoorbeeld vanuit het Autisme Team Nederland.

Do´s and dont´s in de (logopedische) begeleiding  
Links www.selectiefmutisme.nl

Volg ons ook op